Categorie archief: Schetsen

Schets: Pleiaden boven de kraterrand (La Palma)

Tijdens mijn vakantie naar La Palma enkele weken geleden had ik twee telescopen bij me: een grote (300mm Propdob), maar ook een héél kleine: de 102mm Summierian. Met een transportmaat kleiner dan een Donald Duck pocket + een bundeltje trussbuizen kon die er nog wel bij als extra widefieldkijkertje.

Op één van de laatste waarneemavonden naast het vakantiehuisje was ik een beetje met dit kijkertje in de weer, scrollend langs stervelden en donkere nevels in de Melkweg. Superleuk! In het oosten heeft de tuin uitzicht op opkomende sterrenbeelden boven de met naaldbomen begroeide kraterrand van de Caldera. Ik zwiepte een beetje met het telescoopje langs die kraterrand, want het is prachtig om een voorgrond van boomtoppen tegelijkertijd met deepskyobjecten in beeld te hebben. Omdat het een spiegelkijker is staat alles weliswaar op z’n kop, maar toch geeft dat beetje voorgrond het beeld wat extra diepte.

Ik was vooral onder de indruk van M45, die sterretje voor sterretje haarscherp boven de boomtoppen tevoorschijn kwam. Zelfs de Meropenevel was overduidelijk te zien in de 25mm Ortho, en perifeer zelfs onmiskenbaar de Maianevel. Ik wilde dit natuurlijk schetsen, maar HOE DAN? Normaliter schets je de sterrenhemel in negatief, maar hoe teken je dan die voorgrond erbij…? Dat werd ‘m dus niet.

De volgende dag bedacht ik me dat ik misschien het best de voorgrond gewoon positief kon tekenen, en de sterrenhemel op een apart vel in negatief, en dan later beide tekeningen digitaal combineren. Dus dat deed ik: die middag tekende ik vanuit het tuintje het silhouet van de bomenrij met zwarte fineliner op wit papier. ’s Avonds ging ik op het juiste moment klaarzitten om de opkomst van de Pleiaden op een ander vel te tekenen. De neveligheid bleek zelfs nog iets duidelijker zichtbaar met de wat hogere vergoting van een 18mm Ortho (22x).

Pas gisteren bij het inscannen en combineren van de twee beelden kon ik zien of het eindresultaat een beetje weergeeft hoe het eruit zag:

Ok, een echt oculairbeeld is het niet (want rechthoekig en juist georiënteerd), maar het geeft wel weer hoe sfeervol een simpele opkomst van een deepskyobject kan zijn in vergelijking met een waarneming zonder voorgrond. De volgende keer zal ik dan ook zeker weten klaarzitten voor M31….

Schets: Een enorme vlek op de Zon (AR2738)

Ondanks dat we op dit moment midden in een periode van lage zonneactiviteit zitten, is er sinds enkele dagen een knoeperd van een zonnevlek te zien. Voor wie thuis een eclipsbrilletje heeft liggen: hij is zó groot dat hij zelfs met het blote oog te zien is.

Vandaag was het een frisse, maar heerlijk zonnige dag, dus de telescopen stonden al vroeg opgesteld in de tuin om dit monster van dichtbij te bekijken- de eerste keer waarnemen sinds de verhuizing naar Twello! Mooi zicht op het zuiden, een vrij rustige atmosfeer: het was goed toeven achter de telescoop. Ideale omstandigheden dus om weer eens een schetsje te maken.

Eén van de Polarex telescopen (de 60mm) is voorzien van een h-Alpha filter. Vaak is de directe omgeving van zonnevlekken namelijk lekker actief in die golflengte, maar ik vond het deze keer wat tegenvallen. Eigenlijk vond ik de vlek door de grote 75mm Polarex met eenvoudig witlicht filter mooier. Een enorm ding, met een helder streepje licht midden door de umbra (het donkere centrale gebied) en veel waaierende uitlopers in de penumbra (het lichtere gebied rondom de kern). Bij momenten van goede seeing was het echt een plaatje om te zien. Buiten de penumbra leek het hele zonsoppervlak iets lichter, alsof er een halo rondom aanwezig was. Vreemd genoeg zag ik dit alleen bij de laagste vergroting (50x), dus het kan in dit geval ook gezichtsbedrog zijn geweest… Ik heb het wel op de tekening vast proberen te leggen.

In het half uurtje dat ik bezig was met de tekening zag ik al wat kleine veranderingen in de vlek zelf, maar ook verschenen (en verdwenen) een paar piepkleine vlekjes naast de grote zonnevlek. Het is voor het eerst dat ik dat zag in witlicht, erg bijzonder om te zien. Lees verder

Tekeningen in de Sterrengids 2018

Het blijft toch wel leuk om je eigen werk in een boek afgedrukt te zien staan. In de Sterrengids 2018 staan maar liefst zes van mijn tekeningen; twee Perseïdentekeningen, twee maantekeningen en twee deekskytekeningen (NGC 891 en M35). De Sterrengids was (zeker in het pré internet-tijdperk) voor mij een soort sterrenkijkbijbel, en daarom is het extra leuk om jezelf er in terug te zien!

www.sterrengids.nl

Tekening van de Perseïden meteorenzwerm in de Sterrengids 2018

NGC 2024 “Flame Nebula” vanaf La Palma

Tijdens mijn vakantie naar La Palma heb ik twee (en een halve) nacht waargenomen bovenop de berg. Op een hoogte van 2300m is de hemel namelijk nog nét een tikje transparanter en de seeing nét een tikje beter dan bij het vakantiehuisje (op 500m), dus in theorie zou je nét iets meer details moeten kunnen zien. Zondagnacht had ik al waargenomen bij het huisje en sloeg ik steil achterover van het beeld van NGC 2024, waarvan ik natuurlijk meteen een schets maakte. Maar omdat ik die avond nog veel meer objecten wilde bekijken en schetsen, toonde de schets na afloop toch lang niet alles wat er te zien was door de telescoop. Daarom nam ik me voor om de volgende avond eens écht goed voor dit object te gaan zitten en alles uit de kijker te persen op de beste waarneemlocatie denkbaar: de bergtop.

Om 23:00 begon ik met het intekenen van de omgevingssterren en pas twee en een half uur later was ik klaar met de laatste nevelveeg. De enige schets waar ik ooit langer over deed was die van het Fornax Galaxy Cluster, maar daar stonden ook zowat 20 stelsels tegelijkertijd in beeld. Gek genoeg viel de hinder van de felle ster Alnitak in hetzelfde beeldveld heel erg mee, waarschijnlijk omdat zijn gloed door de uitstekende transparantie niet door het halve beeld werd verstrooid. Natuurlijk waren wel de 6 spikes van de vangspiegelophanging te zien.

In plaats van te scannen heb ik de tekening thuis gefotografeerd. Door het licht iets van de zijkant op het papier te laten schijnen krijgt de achtergrond een gloed die goed overeenkomt met de zachte gloed van de felle ster. (Wat ik me te laat bedacht is dat je een negatief getekende schets juist van de andere kant moet belichten voor het juiste effect in het positieve eindresultaat, dus dat moest wel een keer overnieuw…)

 

Perseïden 2016: super!

Schets_perseiden_2016_grootwebZowat de hele week was het ’s avonds bewolkt, of regende het. Maar op vrijdagavond 12 augustus, de maximumnacht van de Perseïden was het wonderwel kraakhelder! Omdat ik net als voorgaande jaren weer een tekening wilde maken heb ik de dag ervoor een stuk blauw karton gekocht en daarop met een wit pastelpotloodje een paar heldere sterren getekend die in het oosten zichtbaar zouden zijn. Dit zou het “sjabloon” worden waarin ik de waargenomen meteoren kon intekenen. De silhouetten van de bomen en struiken heb ik getekend met een zwarte stift.
Vanaf twee ligstoelen in de tuin van ons vakantiehuisje hadden we (mijn vrouw en ik) een mooi uitzicht op het oosten en al in de schemering zagen we de eerste meteoren. Naarmate het donkerder werd liep het aantal snel op. Hoewel de maan nog op was, en het uitzicht een beetje beperkt werd door bomen zagen we om de paar minuten wel een meteoortje. Meestal niet zo helder, maar af en toe een knalheldere met nalichtende sporen. De allerhelderste waren duidelijk groenig van kleur. Vuurwerk!
Ik heb tussen 01:30 uur (vanaf het moment dat de Maan onderging) tot 03:00 uur iedere vallende ster die zag ik ingetekend, maar omdat ik vanwege het tekenen niet continu naar boven kon kijken heb ik er vast wel een paar gemist… Ook heb ik geprobeerd om de Melkweg, die door de goede transparantie best goed zichtbaar was, een beetje realistisch op papier te zetten – samen met het Dubbelcluster en het Andromedastelsel die beiden goed te zien waren met het blote oog. Voor alle sterren, meteoren etc. heb ik een wit pastelpotloodje gebruikt, en een groene om de allerhelderste exemplaren wat “bij te kleuren”. Helemaal achteraf heb ik de sterrenhemel wat aangevuld met zwakke sterretjes (die uiteraard niet precies op de juiste plek zijn getekend, maar wel een indruk geven van de hoeveelheid sterren die er zichtbaar waren).
Hieronder nog een close-up van het gebied rond Cassiopeia, met links de Alpha Persei sterrenhoop, rechts daarvan het Dubbelcluster en onder in beeld het vlekje van het Andromedastelsel.
(klik op de afbeeldingen voor een grotere versie)

schets_perseiden_2016_closeup

Schets: Mars, laag boven de horizon.

Mars vind ik eigenlijk maar een frustrerend ding.  Als hij hoog aan de hemel staat is hij piepklein, en staat hij eens een keer gunstig dichtbij de Aarde (zoals dit jaar), komt hij amper boven de horizon uit. Toch was de lucht op de avond van 9 juni stabiel genoeg om toch behoorlijk wat detail op het planeetbolletje te zien, ondanks de lage stand van 16 graden boven de horizon. Ik heb een tekeningetje gemaakt, en later vergeleken met een kaart van Mars om te kijken of ik wat dingen terug kon vinden. En dat viel niet tegen, terwijl ik door die lage stand niet eens hoog kon vergroten:

Schets_Mars_20160609
Het meest opvallende kenmerk is de verticale donkere streep rechts op de tekening: Syrtis Major. Daaronder, horizontaal boven de Zuidpool zijn twee donkere, langwerpige gebieden te zien: de bovenste is Terra Meridiani en de onderste is Noachis Terra.
De grote hoekige vlek linksboven is Acidalia Planitia, welke ik vanwege het lage contrast en de matige seeing best moeilijk kon zien. Helemaal bovenin meende ik nog “iets” zien, op de kaart vind ik dat terug als het gebied Vastitas Borealis. Gek genoeg heb ik van een wit poolkapje niks kunnen zien.

Voor wie zelf de gebiedjes wil terugvinden op de kaart: deze afbeelding heb ik ervoor gebruikt: http://www.faculty.virginia.edu/rwoclass/astr1210/im/marsmap-IDs-MOLAteam-2.jpg

Tekening: De Mercuriusovergang van 9 mei 2016

Schets_Mercuriusovergang_fulldisk_web900Afgelopen maandag schoof het kleine planeetje Mercurius precies tussen de Zon en de Aarde, waardoor enkele uren het silhouet van het planeetbolletje zichtbaar was tegen de achtergrond van het zonsoppervlak. Een zeldzame gebeurtenis! Ik heb deze Mercuriusovergang waargenomen en gefotografeerd met drie telescopen, zowel witlicht als H-alpha. Het weer was de hele dag stralend zonnig en warm, alleen het laatste stukje van de overgang was onzichtbaar vanwege binnendrijvende sluierbewolking aan het begin van de avond.

Het beeld van de intrede van Mercurius bij hoge vergroting door de zonnekijker was onvergetelijk (later ook daarvan een schets), maar ook het totaalbeeld zag er prachtig uit. Jammer genoeg zweefde het planeetje net voor de zonnehelft met de minste actieve gebieden… Een paar protuberansjes waren rondom zichtbaar, waarbij degene hier links op de tekening bij de intrede een hoofdrol speelde – precies daar kwam Mercurius de zonneschijf op. Op deze tekening is de overgang ietsje meer dan een uur aan de gang. Ik had trouwens van tevoren niet gedacht dat ik op een schets van dit formaat (Zon ongeveer 17cm doorsnede) de planeet als bolletje zou kunnen tekenen. Ik had hem kleiner verwacht, niet meer dan een stip. Het deed me allemaal iets meer aan de Venusovergang denken dan ik had verwacht. Erg mooi om te volgen.

Tekening gemaakt door de 60mm Solarex, met wit en grijs pastelpotlood op zwart papier en met een zwarte fineliner voor Mercurius zelf. Het kleurtje is later toegevoegd, en het gespiegelde telescoopbeeld is weer gecorrigeerd. Verder geen bewerkingen.

Hieronder nog een stukje van dezelfde tekening ingezoomd om het bolletje van Mercurius wat beter te laten zien:

Schets_Mercuriusovergang_fulldiskcrop_web700

 

Maanschets: Kraterduo Aristillus en Autolycus

Schets_Aristillus_Autolycus_20160118_grootAlweer een heldere avond! En met de Maan lekker hoog in het zuiden betekende dat maar één ding: naar buiten met die ouwe Rus. Om 19:45u zat ik al in de achtertuin om net als de dag ervoor een maanschets te maken met de TAL 150mm. De seeing was uitstekend, maar de temperatuur lag wel behoorlijk onder het vriespunt. Gelukkig had ik me goed aangekleed met twee truien, een skibroek en houten klompen, dus het was goed vol te houden.

Deze keer heb ik een tekening gemaakt van twee grote, relatief jonge kraters naast elkaar: Aristillus en Autolycus. De grootste van de twee is Aristillus (55km) een licht hoekige krater met een gelaagde wand en een hele familie centrale bergjes op de kratervloer – ik telde er maar liefst zeven! Ook goed te zien was het stralenstelsel om de krater heen, ontstaan door wegvliegend puin na de inslag. Aan de westkant (linksboven in de tekening) is een ovaal deukje in de kraterrand te zien. Een kratertje?
Pal ernaast ligt Autolycus (39km), wat ronder dan Aristillus. Ze lijken erg op elkaar maar eigenlijk heeft Autolycus van alles minder dan Aristillus: minder gelaagde wand, geen centrale berg en geen stralenstelsel. Ook deze krater heeft een klein deukje in de westelijke kraterrand – Autolycus A, een echt kratertje van 4km doorsnee.

Leuk weetje: de kleine Russische ruimtesonde Luna 2 stortte (zoals bedoeld) in 1959 neer net ten westen van Autolycus. Het was het allereerste door mensen gemaakte object wat het maanoppervlakte bereikte. Een Hongaarse astronoom meldde zelfs de inslag te hebben gezien…

Anderhalve maanschets: Hyginus en de zuidpool

Schets_Hyginus_20160115_grootVanwege slecht weer de afgelopen tijd heeft het heel lang geduurd voordat ik mijn nieuwe TAL 150P8 eindelijk eens kon inzetten voor een maantekening. Gisteren klaarde het echter aan het eind van de middag helemaal op, en al in de avondschemering stond de kijker in de achtertuin op de Maan gericht, die toen nog vlak boven het dak stond. Het Russische volgmotortje ratelde tevreden en ik kon alvast een gebiedje uitzoeken dat ik iets later kon gaan schetsen.

Een bijzonder object viel al snel op: de kleine krater Hyginus (11km) en de bijbehorende rillen staken mooi scherp af tegen de omgeving door de laagstaande zon. Het was goed te zien dat Hyginus geen krater is zoals de meeste anderen. Een beetje hoekig en zonder opstaande rand, terwijl de meeste inslagkaters een hogere kraterrand hebben en mooi rond zijn. Echt een kuil in het landschap – het verschil met een normale krater was goed te zien doordat een klein inslagkratertje vlakbij lag. Hyginus is dan ook helemaal geen inslagkrater, maar een kuil hallufontstaan door vulkanisme. De diepe groeven (Rimae Hyginus) van samen meer dan 200km lang zijn waarschijnlijk ingestorte lavatunnels. Over een groot deel van de lengte van deze oude lavatunnels waren met heel veel moeite een paar kleine (vulkaan-)kratertjes te zien.

Nadat ik dit gebiedje had geschetst ben ik begonnen aan een tweede schets van een kraterrijk gebied nabij de zuidpool van de Maan. Na een half uurtje trok het wolkendek helaas helemaal dicht en begon het zelfs te sneeuwen. Deze tekening (zie rechts) is helaas dus maar voor de helft af…

Schets en animatie: Pluto vanaf La Palma

Schets_Pluto_20150811Tijdens mijn waarneemweek op La Palma afgelopen zomer ben ik drie nachten met mijn 35cm telescoop naar de hoogste bergtop gereden en steeds zette ik de kijker direct na zonsondergang op. De tijd tussen het opstellen en de échte astroduisternis vulde ik voornamelijk met het bekijken van Saturnus (allemachtig wat is die seeing daar goed), maar ook met het opzoeken van Pluto – voor mij gek genoeg de allereerste keer dat ik deze dwergplaneet heb waargenomen, net een paar weken na de flyby van New Horizons.
De eerste avond heb ik het sterrengebied waar Pluto zich in bevond geschetst en een piepklein stipje op de juiste plaats gezet. Het viel me eigenlijk nog best tegen hoe zwak het stipje was: magnitude 14 blijft ook in een 35cm erg weinig. De twee andere avonden heb ik het dwergplaneetje opnieuw in dezelfde tekening aangegeven. De verplaatsing was zo erg goed te volgen. Erg leuk om te doen, trouwens!
Ik heb van de tekening ook een eenvoudige GIF-animatie gemaakt, waarbij ik bij elk van de 3 frames steeds 2 Plutootjes heb weggegumd – de duidelijkste manier om de verplaatsing weer te geven:

Pluto(1)